Ontstaan en evolutie van het Festival

 

Het Internationaal Gregoriaans Festival van Watou was oorspronkelijk een hoofdzakelijk nationale manifestatie; langzaamaan werd het initiatief op een professionele wijze uitgebouwd tot een gebeuren op internationaal niveau. Het Festival heeft zich via een organische groei gepositioneerd tot de kernspeler in dit internationale muzieklandschap.

Het eerste Festival vond plaats in 1981. Zes koren, waaronder één uit het buitenland (namelijk de Schola Cantorum uit Helmond (Nederland)), namen aan de manifestatie deel die op de belangstelling kon rekenen van ongeveer 1.200 personen.

Het tweede Festival werd in 1986 georganiseerd. Tijdens deze editie traden tien koren op, waaronder het Kölner Domchor. De belangstelling groeide aan tot 2.000 toehoorders.

De derde uitgave betekende een ware doorbraak. In 1988 namen 16 koren deel aan het evenement; de bekendste koren die optraden waren het “Westminster Cathedral Choir” uit London en het “Choeur Grégorien de Paris”. Het programma werd gespreid over twee dagen.

Meer dan 4.000 personen waren op het evenement aanwezig. De pers berichtte hierover uitvoerig. De organist was de Heer David Hill, Master of Music van de Winchester Cathedral.

Dit Festival kende zeer positieve perscommentaren: ook waren er een aantal dirigenten van buitenlandse koren aanwezig die diep onder de indruk waren van de impact van de manifestatie; dit gaf o.a. aanleiding tot de belangrijke internationale uitbreiding die de volgende edities gekend hebben.

De vierde editie, die plaats vond in 1991, werd gespreid over drie dagen. Voor de eerste maal namen twee koren uit het gewezen Oostblok deel. Er werden schola's afgevaardigd uit Frankrijk, Engeland, Nederland, Luxemburg, Italië, D.D.R., U.S.A., Litouwen en Zuid-Korea. Het Festival verwierf definitief zijn ereplaats als enig internationaal ontmoetingsforum voor gregoriaanse koren. De kwaliteit van de deelnemende koren kende een grote vooruitgang t.o.v. de derde editie. De opkomst groeide uit naar 6.000 aanwezigen. Opnieuw waren de perscommentaren unaniem positief.

Het vijfde Festival, dat plaats vond van 13 tot 15 mei 1994, groeide opnieuw uit tot een buitengewoon succesvol evenement en beantwoordde in ruime mate aan de gestelde verwachtingen. Meer dan 8.000 personen uit eigen land en uit Nederland, Frankrijk, Duitsland, Engeland, Zwitserland, Italië, Portugal, Australië en China woonden het programma gedeeltelijk of volledig bij. De concerten kenden bovendien een buitengewone mediabelangstelling zowel in de schrijvende pers als op radio en TV. Zo wijdden zowel de Nederlandse TV-zender KRO als de Duitse radiozender SFB een half uur durend programma aan het evenement.

De zesde editie vond plaats van 7 tot 11 mei 1997. Omwille van zijn hoogstaand karakter en zijn bijzondere internationale uitstraling werd het Festival in 1997 bekroond met de titel van “Cultureel Ambassadeur van Vlaanderen.” Om de grote interesse op een rustige wijze te kunnen kanaliseren werd het gebeuren voor de eerste maal gespreid over vijf in plaats van over drie dagen. Tevens werd gestart met een geografische spreiding: Watou werd als kernplaats aangevuld met andere locaties (namelijk Poperinge, Wervik en Hazebrouck in Noord-Frankrijk).

Deze editie kon opnieuw rekenen op een buitengewone publieks- en mediabelangstelling : ongeveer 8.000 personen woonden een concert bij; bovendien werd de openingsplechtigheid via Eurovisie op acht Europese televisiekanalen uitgezonden, waardoor enkele tienduizenden kijkers werden bereikt. Verder was de aanwezigheid van enkele kwalitatief zeer sterk presterende damesschola’s bijzonder opvallend.

De zevende editie vond plaats van 31 mei tot en met 4 juni 2000. Zesentwintig buitenlandse schola’s uit veertien landen namen deel. Een belangrijk deel hiervan kwam voor de eerste maal naar ons land. Naast de diverse audities werd er een thema-avond gewijd aan Hildegard von Bingen.

Het viel op dat het aantal semiprofessionele ensembles dat deelnam verder groeide, hetgeen borg stond voor een verdere stijging van het kwaliteitsniveau.

Wat het muzikale aspect betreft, viel allereerst op dat er sprake was van een doorbraak van de damesschola's in de beoefening van het gregoriaans en meteen op een verrassend hoog niveau. Bovendien waren deze koren zeer jong qua bezetting, hetgeen trouwens bij alle groepen opviel.

Op kwalitatief gebied was het opvallend dat het gemiddelde niveau van de koren bij de laatste drie edities voortdurend steeg en de kwaliteitsvooruitgang bij de laatste editie bijzonder groot was. Het was vooral merkwaardig dat veel koren meer expressiviteit durfden te leggen in de stukken die dit verlangden. Ook blijkt het een steeds grotere vanzelfsprekendheid te zijn dat de koren teruggrijpen naar de oudste handschriften voor hun interpretaties. Tenslotte vertoonde de concertreeks, ondanks zijn langere duur, nog een grotere eenheid dankzij een zorgvuldige programmasamenstelling rond het thema van het nieuwe millennium.

De achtste editie vond plaats van 29 mei tot 1 juni 2003. Door de deelname van 22 schola’s uit 17 landen en uit 3 continenten werd de geografische en culturele verscheidenheid opnieuw sterk benadrukt. Opnieuw namen een aantal schola’s deel die nog nooit in Vlaanderen te gast waren.

Opvallend was de deelname van vier jeugdkoren. Hun inbreng werd op CD vastgelegd. Zoals bij de vorige edities was de publieksbelangstelling opnieuw bijzonder groot.

De negende editie vond plaats van 24 tot 28 mei 2006. Twintig schola’s uit vijftien landen namen deel. Negen onder hen waren voor de eerste maal te gast op het Festival. De kernaudities in Watou werden met vier avondconcerten aangevuld waarbij lokale tradities centraal stonden. Een avondauditie bracht een alternatimrepertoire orgel-gregoriaans op het historisch Van Peteghemorgel van Haringe. De openingsmis van het Festival werd rechtstreeks uitgezonden op Radio 1 en het Festival kon zich opnieuw verheugen in de belangstelling van duizenden toehoorders.

De tiende editie, die plaatsvond van 16 tot 24 mei 2009, bevestigde nogmaals de unieke plaats die Watou wereldwijd inneemt in het landschap van de hedendaagse Gregoriaanse koorpraktijk. Het thema van de kernaudities was “Imitatio Christi” of “de Navolging van Christus”. Deze kreeg in de kerkgeschiedenis gestalte via de diverse heiligenfiguren. Het bijhorend repertorium is deels vervat in het Sanctorale en deels in de nog steeds onuitgegeven en verborgen middeleeuwse handschriften. De kernaudities brachten een kleurrijk pallet uit dit repertoire dat gaat van vieux fonds (9de-12de eeuw) tot laatmiddeleeuws. Naast deze kernaudities bracht het Festival 2009 diverse concertreeksen met repertoires uit lokale tradities. Tenslotte werd een brug gelegd van het Gregoriaans naar de meer recente en hedendaagse koorliteratuur door de uitvoering van “Les Vêpres de la Vierge” Opus 18 van Marcel Dupré, “In Circulo Anni” Van Kurt Bikkembergs, en van meerdere composities van Arvo Pärt. Deze laatste werden vertolkt door het Estse koor “Vox Clamantis”.

Dankzij een voortgezette regionale spreiding van concerten en liturgie konden 24 schola’s zich tijdens dit Festival voor een enthousiast publiek van bijna 10.000 toehoorders presenteren.

Van 12 tot 20 mei 2012 vond de elfde editie plaats van het Internationaal Gregoriaans Festival van Watou. En deze editie mocht er zijn. Volgens velen die het Festival reeds diverse malen meemaakten, betrof deze elfde editie de meest hoogstaande uitgave. Festival na festival gaan zowel de muzikale invulling als de kwaliteit van de uitvoerders er nog verder op vooruit. Het festivalprogramma bestond uit 25 diverse activiteiten waarin de 28 deelnemende ensembles zich in een evenwichtige samenstelling tussen audities, concerten en liturgie presenteerden. Ook geografisch kende het Festival een belangrijke uitbreiding met programma’s in 8 partnersteden: Duinkerke, Poperinge, Koksijde, Brussel, Boëseghem (Frans-Vlaanderen), Wervik, Haringe en Roosdaal-Strijtem. Hierdoor konden opnieuw meerdere duizenden personen en 450 zangers worden bereikt. Voor de 25 sessies van het Festival samen mag men rekenen op ongeveer 10.000 bezette plaatsen. Door de disciplinaire aanpak te koppelen aan de passie voor deze muziekstijl kent Watou het belangrijkste Gregoriaans Festival ter wereld. Door de deelname van 28 streng geselecteerde koren uit 18 landen en 2 continenten kende het Festival opnieuw een zeer degelijke kwaliteit, een grote originaliteit en een sterke internationale uitstraling. Maar wat er tijdens deze editie vooral opviel, was de bijzonder jonge en vitale bezetting van de koren. Naast vijf jongerenkoren varieerde de leeftijd van de uitvoerders tussen de achttien en de vijfendertig jaar. Vele van deze koren zijn professioneel actief of hebben hun thuisbasis in muziekscholen en conservatoria. De toehoorders werden bij iedere uitvoering als het ware ondergedompeld in een tsunami van muzikaliteit, perfecte tekstvoordracht, bijzonder vlotte fraseringen, homogene koorklanken en adembenemende interpretaties die finaal uitmondden in authentiek Gregoriaans. Het Festival heeft haar unieke positie binnen dit muzieklandschap opnieuw bevestigd. Het kernprogramma van het Festival bestond uit vier hoofdaudities in Watou met opgelegd programma. Hierbij was het thema “Unam petii a Domino” .

Naast Gregoriaans werd tijdens de pre-ouvertures en avondconcerten tevens muziek gebracht die sterk aanleunt bij, of haar wortels vindt in het gregoriaans repertoire. Opvallend hierbij was het strijkersensemble Lundi Bleu uit Amsterdam dat improvisaties bracht op Gregoriaanse thema’s. Het muzikale intermezzo dat drie groepen in de parochiezaal, als dank aan Watou, op de namiddag van Hemelvaart brachten werd zeer op prijs gesteld.

Een steunpilaar bij de organisatie van het Festival is en blijft de inzet van tientallen vrijwilligers. Ze behoren tot de festivalfamilie en het Festival is van hen. Ze houden er immense warme herinneringen aan over; herinneringen van vreugde en dankbaarheid; herinneringen aan een week samen hard opbouwend werken. Door dit vrijwilligerswerk kan een niet te evenaren gastvrijheid worden aangeboden, waardoor sociale contacten en uitwisselingen openbloeien die het Festival een humane dimensie verlenen. Het resultaat is een wonder gebeuren: mensen van over de hele wereld, met hun hart verbonden in en aan Watou, hemelse gezangen, ingetogen stilte bij de luisteraars, en een sfeer van geluk en vriendschap bij de honderdvijftig medewerkers; als het ware een stukje hemel op aarde.